Zaaksvervanging en de scheidingspraktijk, weet waar het over gaat!

28 mei 2024

Zaaksvervanging en de scheidingspraktijk, weet waar het over gaat!

Kunnen echtgenoten tijdens het bestaan van een wettelijke gemeenschap van goederen, goederen verwerven die tot het privévermogen gaan behoren en niet tot de gemeenschap? Het antwoord is “ja”. Voorkom dat jouw cliënten bezittingen verdelen die niet verdeeld hadden moeten worden.

Het volledige artikel is beschikbaar via Permanent Actueel.

🗞️ Wekelijks delen wij door ons geselecteerde relevante ontwikkelingen of verdieping. Wij vatten de essentie voor je samen en vertalen dit naar jouw praktijk. Ieder artikel bevat bronnen voor als je verder wilt lezen. Ook krijg je tips. Een artikel sluit af met een prikkelende stelling of vraag. Op die manier maken we het bijhouden van kennis efficiënt, inspirerend en praktijkgericht!

💡 Nog geen abonnement? Ervaar nu zelf het gemak van Permanent Actueel met een gratis proefabonnement en blijf eenvoudig up-to-date over ontwikkelingen in de scheidingspraktijk: Lees het gehele artikel met een gratis proefabonnement!


➡️ De Scheidingsdeskundige is een een kennis- en opleidingscentrum voor professionals die betrokken zijn bij het scheidingsproces. Wij hebben maar 1 doel: Het verbeteren van de kwaliteit van scheidingsbegeleiding in Nederland!


Vind je dit artikel interessant voor jouw collega of netwerk?
Deel dit dan via onderstaande link:


Kunnen echtgenoten tijdens het bestaan van een wettelijke gemeenschap van goederen, goederen verwerven die tot het privévermogen gaan behoren en niet tot de gemeenschap? Het antwoord is “ja”. Voorkom dat jouw cliënten bezittingen verdelen die niet verdeeld hadden moeten worden.

Wat was er aan de hand?
Een man en een vrouw zijn in 2005 gehuwd in de wettelijke gemeenschap van goederen. In 2020 kopen zij samen een pand. Bij de scheiding twisten zij over de vraag of de woning tot de gemeenschap behoort of juist tot het privévermogen van de man. De Rechtbank Zeeland-West-Brabant deed op 19 april 2024 uitspraak.

De man stelt dat de woning buiten de gemeenschap van partijen valt, omdat hij deze woning volledig heeft gefinancierd met privévermogen (schenking of erfenis met uitsluitingsclausule). Deze woning hoeft daarom niet verdeeld te worden.

Daarnaast verzoekt de man dat als wordt aangenomen dat de woning wel in de gemeenschap valt, aan hem een vergoedingsrecht toekomt gelijk aan de actuele waarde van de woning.

De vrouw stelt dat de woning verdeeld moet worden omdat deze tot de gemeenschap behoort doordat de woning aan hen beiden geleverd is.

De rechtbank overweegt als volgt. Artikel 1:95 BW bepaalt dat een goed dat een echtgenoot anders dan om niet verkrijgt, buiten de gemeenschap blijft indien de tegenprestatie voor meer dan de helft ten laste komt van zijn eigen vermogen. Deze bepaling heeft dus betrekking op een of meer goederen die aan één van de echtgenoten is geleverd. Vaststaat echter dat de onroerende zaak aan beide echtgenoten is geleverd. Dit volgt immers uit de akte van levering. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt hieruit onmiskenbaar dat de woning aan partijen gezamenlijk toebehoort en onderdeel is van de (ontbonden) huwelijksgemeenschap. Van een situatie zoals omschreven in artikel 1:95 lid 1 BW is geen sprake. Dit maakt dat de rechtbank aan het primaire standpunt van de man voorbijgaat.

Omdat de man de volledige koopsom in verband met het verwerven van de woning heeft voldaan heeft hij wel recht op een evenredig vergoedingsrecht op de gemeenschap op grond van art. 1:95 lid 2 BW en art. 1:87 lid 2 BW. Dat betekent dat hij via het evenredige vergoedingsrecht, recht heeft op de volledige actuele waarde van de woning.

Belang voor de praktijk
Als je al bekend bent met het fenomeen zaaksvervanging dan zal de uitkomst van deze uitspraak je mogelijk niet verbazen. Deze is immers in lijn met de uitleg in de Syllabus van de Leergang Register Erkend Scheidingsadviseur RES® (voorheen RFEA opleiding).

Als je artikel 1:95 lid 1 BW goed leest dan wordt daar gesproken over een goed dat door een echtgenoot wordt verkregen en voor meer dan 50% wordt betaald uit zijn of haar privévermogen. Je zou hierdoor ook kunnen denken dat in deze casus wel degelijk aan de gestelde voorwaarden is voldaan. De woning is immers (mede) door de man verkregen en voor meer dan de helft betaald uit zijn privévermogen. Dit ligt echter genuanceerder.

In de parlementaire geschiedenis staat namelijk beschreven dat de regel van zaaksvervanging niet het formele criterium voor de eigendomsvraag aan de kant te zet. Daarvoor geldt nog altijd het Modehuis Nolly-arrest dat inhoudt dat de woning eigendom is van diegene die hem geleverd heeft gekregen. Eventuele betaling door een van beide echtgenoten heeft daar geen invloed op. Door de betaling kan wel een vergoedingsrecht ontstaan.

In deze casus is de woning, ondanks de volledige betaling door de man, door levering aan beide echtgenoten tot de gemeenschap gaan behoren.

Ook in de situatie waarbij de vrouw de woning volledig geleverd krijgt en de man de volledige aankoopsom vanuit privévermogen voldoet, gaat de woning tot de gemeenschap behoren. Er wordt immers niet voldaan aan de cumulatieve eis:

  • Meer dan de helft van de tegenprestatie uit privévermogen
  • Levering uitsluitend aan de echtgenoot die meer dan helft van de tegenprestatie uit privévermogen voldoet.

Toename relevantie voor huwelijken gesloten na 1 januari 2018
Door het systeem van de nieuwe gemeenschap van goederen worden privévermogens van de echtgenoten steeds relevanter. Dat komt omdat voorhuwelijkse bezittingen en schulden niet meer tot de gemeenschap behoren (met uitzondering van gezamenlijke bezittingen en schulden). Dat geldt ook voor erfenissen en schenkingen ongeacht een eventuele uitsluitingsclausule.

Dat betekent dat de kans in de scheidingspraktijk steeds groter wordt dat een goed tijdens het huwelijk wordt verkregen waarbij één van beide echtgenoten vanuit privévermogen bijdraagt. Hierdoor kan sprake zijn van zaaksvervanging. Als je dit als professional niet signaleert loop je het risico dat je een goed gaat verdelen terwijl dit eigenlijk tot het privévermogen behoort. Dat kun je voorkomen door jouw kennis op dit thema op orde te hebben en goed te inventariseren aan wie bepaalde goederen zijn geleverd en hoe deze gefinancierd zijn.

Voor een goede inventarisatie heeft de Scheidingsdeskundige in de checklist bezittingen en schulden ten behoeve van de vermogensverdeling de volgende standaard bepaling opgenomen:

“Afhankelijk van uw relatievorm kan er sprake zijn van privévermogen dat niet verdeeld hoeft te worden. Dat kan bijvoorbeeld gaan over een erfenis of schenking die is ontvangen. Ook kan het gaan om vermogen dat al aanwezig was op het moment van trouwen (bij huwelijken gesloten na 2018). Verzamel hiervan zoveel mogelijk stukken (van de erfenis/schenking en/of voorhuwelijkse vermogen bij huwelijken gesloten na 2018). Daarnaast is het van belang vast te stellen of dergelijke gelden zijn gebruikt om iets van te betalen (geldstromen).”

De volledige checklist is te vinden in onze Kennisbibliotheek. Door deze bepaling te gebruiken weet je zeker dat je voldoende aandacht hebt besteed aan een goede inventarisatie.

Wil jij perfect op de hoogte blijven?

Ben jij als professional betrokken bij scheidingen? Wil je jouw kennis op een efficiënte manier actueel houden en verder blijven ontwikkelen? Meld je dan aan voor Permanent Actueel van De Scheidingsdeskundige.

  • Wekelijkse verdieping en actualiteiten
  • PE Punten
  • Scheiden in de media
  • FAQ
  • Naslagwerken
  • Maandelijks opzegbaar
leeromgeving.descheidingsdeskundige.nl
De Scheidingsdeskundige
Scheidingsdeskundige Congres 2025