Optierechten bij scheiding: is verdeling een optie of een recht?

15 april 2025

Optierechten bij scheiding: is verdeling een optie of een recht?

Tijdens het huwelijk heeft de man via zijn werkgever optierechten verkregen. Dient de waarde van deze optierechten in de verdeling te worden betrokken bij scheiding? Rechtbank Zeeland-West Brabant geeft antwoord.


Tijdens het huwelijk heeft de man via zijn werkgever optierechten verkregen. Dient de waarde van deze optierechten in de verdeling te worden betrokken bij scheiding? Rechtbank Zeeland-West Brabant geeft antwoord.

Wat was er aan de hand?

  • Maarten en Vera zijn in 2017 zonder het opmaken van huwelijkse voorwaarden getrouwd.
  • Maarten is in loondienst. Onderdeel van zijn arbeidsvoorwaardenpakket is een optieregeling: hij heeft het recht om op afgesproken momenten in de toekomst aandelen te kopen van zijn werkgever voor een vooraf vastgestelde prijs. Dit is aantrekkelijk voor Maarten als de waarde van de aandelen van het bedrijf stijgt. Na aankoop van de aandelen kan hij de aandelen onmiddellijk weer verkopen aan zijn werkgever tegen de actuele aandelenprijs. Het verschil tussen de aankoopprijs en de actuele prijs keert de werkgever aan Maarten uit, waarbij loonbelasting wordt ingehouden. De aanschaf van aandelen is niet verplicht. De optierechten komen te vervallen bij uitdiensttreding van Maarten.
  • In augustus 2022 heeft Maarten optierechten toegekend gekregen van zijn werkgever. Hij kan deze verzilveren in 2023, 2024, 2025 en 2026, telkens in de maand augustus.
  • Op 29 juni 2023 is het verzoekschrift tot echtscheiding ingediend bij de rechtbank (wettelijke peildatum voor de samenstelling van de gemeenschap).

Maarten en Vera zijn het bij de scheiding niet eens over de vraag of de optierechten deel uitmaken van de te verdelen huwelijksgoederengemeenschap.

Maarten stelt dat de optierechten verknocht zijn: ze zijn persoonsgebonden, niet overdraagbaar en kunnen alleen worden verzilverd als het dienstverband van Maarten ook na de peildatum voortduurt.

Volgens Vera vallen de optierechten die in augustus 2022 zijn toegekend in de gemeenschap, omdat ze voortkomen uit een dienstverband dat op de peildatum bestond. Indien Maarten aandelen koopt door uitoefening van zijn optierechten, vindt Vera dat de winst die hij hiermee behaalt in de gemeenschap valt. Vera betwist dat de optierechten verknocht zijn: zij geeft aan dat volgens interne richtlijnen van Maartens werkgever de optierechten overdraagbaar zijn aan echtgenoten.

Beoordeling door de rechtbank
De rechtbank Zeeland-West-Brabant[1] is van oordeel dat de optierechten die Maarten in augustus 2022 heeft verkregen geen deel uitmaken van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap.

De rechtbank verwijst naar artikel 1:94 BW (oud)[2]: de huwelijksgemeenschap bestaat uit alle goederen die bij aanvang van de gemeenschap aanwezig waren en tijdens het huwelijk zijn verkregen, zolang de gemeenschap niet is ontbonden. Goederen die aan één van de echtgenoten op enigerlei bijzondere wijze verknocht vallen slechts in de gemeenschap vallen ‘voor zover’ die verknochtheid zich hiertegen niet verzet. Het antwoord op de vragen of een goed (of een schuld) op bijzondere wijze aan één der echtgenoten is verknocht en, zo ja, in hoeverre die verknochtheid zich ertegen verzet dat het goed in de gemeenschap valt, hangt af van de aard van dat goed, zoals deze aard mede door de maatschappelijke opvattingen wordt bepaald.

Opmerkelijk genoeg geeft de rechtbank geen expliciet oordeel of de optierechten al dan niet verknocht zijn. Doorslaggevend voor de rechtbank is het feit dat Maarten op de peildatum niet de beschikking heeft over enig financieel voordeel vanwege de optierechten. Ze zijn gekoppeld aan zijn dienstverband. Hij kan ze noch verkopen noch eerder verzilveren dan op het door zijn werkgever bepaalde moment. Omdat de optierechten pas na de peildatum uitoefenbaar zijn, vallen ze buiten de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap. Het verzoek van Vera om de waarde van de opties op de aandelen te delen wordt daarmee afgewezen.

Belang voor de praktijk
In situaties waarbij één van de partijen gebruik kan maken van een optieregeling uit hoofde van een dienstverband (werknemersopties) is het voor jou allereerst belangrijk om na te gaan of deze volgens het huwelijksgoederenregime behoort tot het te verdelen of te verrekenen vermogen. We raden je verder aan om de onderliggende overeenkomst met betrekking tot de optierechten op te vragen bij je cliënt.

Volgens de bovengenoemde uitspraak is het van belang om te onderzoeken of een werknemer tijdens een huwelijksgemeenschap financieel voordeel heeft genoten of had kunnen genieten vanwege de opties op aandelen.

Indien het optierecht al te gelde is gemaakt, zal dit niet zo snel tot onduidelijkheden leiden. Het bedrag is dan immers al als netto-inkomen uitgekeerd.

Indien de werknemer zijn opties pas na de peildatum kan verzilveren, biedt deze uitspraak aanknopingspunten om de optierechten buiten het te verdelen/te verrekenen vermogen te laten.

Interessant wordt het als de werknemer de optierechten wel voor de peildatum zou kunnen verzilveren, maar dit (nog) niet gedaan heeft. Relevant is dan het vraagstuk of het loont om de opties te verzilveren. Als de huidige koers van de aandelen van het bedrijf namelijk lager is dan de afgesproken prijs, is er geen financieel gewin te behalen en valt er niets te verdelen. Zijn de aandelen wel meer waard dan de afgesproken aankoopwaarde, dan kunnen partijen ervoor kiezen deze vóór de peildatum alsnog te verzilveren. Ook kunnen er afspraken gemaakt worden over een financiële compensatie voor de andere partij. In dat laatste geval dient wel rekening gehouden te worden met belastinglatentie. Er wordt immers loonbelasting ingehouden over het financiële voordeel.

Dit artikel is geschreven door Helma Overeem. Wij zijn enorm enthousiast dat zij per 1 september bij ons in dienst zal treden! 

Wil je je verdiepen in alle aspecten van het scheidingsproces? In oktober starten wij weer een nieuwe ronde van de Leergang Register Erkend Scheidingsadviseur ® (RES).



[1] ECLI:NL:RBZWB:2024:9214
[2] Wettelijke gemeenschap van vóór 1 januari 2018

Wil jij perfect op de hoogte blijven?

Ben jij als professional betrokken bij scheidingen? Wil je jouw kennis op een efficiënte manier actueel houden en verder blijven ontwikkelen? Meld je dan aan voor Permanent Actueel van De Scheidingsdeskundige.

  • Wekelijkse verdieping en actualiteiten
  • PE Punten
  • Scheiden in de media
  • FAQ
  • Naslagwerken
  • Maandelijks opzegbaar
leeromgeving.descheidingsdeskundige.nl
De Scheidingsdeskundige
Scheidingsdeskundige Congres 2025