Hoe moet worden omgegaan met “niet bestaande” schulden en de afwikkeling van een scheiding

15 oktober 2024

Hoe moet worden omgegaan met “niet bestaande” schulden en de afwikkeling van een scheiding

Hoe moet worden omgegaan met “niet bestaande” schulden binnen de familiesfeer bij de afwikkeling van een scheiding? Wat als één partner stelt dat deze schuld er is en de andere partner ontkent dit? Hoe kun je hiermee omgaan in de praktijk?


Hoe moet worden omgegaan met “niet bestaande” schulden binnen de familiesfeer bij de afwikkeling van een scheiding? Wat als één partner stelt dat deze schuld er is en de andere partner ontkent dit? Hoe kun je hiermee omgaan in de praktijk?

Wat was er aan de hand?

  • De man en de vrouw zijn op 20 mei 2014 gehuwd in de wettelijke (algehele) gemeenschap van goederen.
  • In 2019 heeft de man een bedrijfsongeval gehad waaraan hij hersenletsel heeft overgehouden.
  • Op 11 oktober 2021 heeft de vrouw een verzoek tot echtscheiding ingediend bij de rechtbank Oost-Brabant. Op 11 november 2022 is de echtscheiding uitgesproken. Deze beschikking is op 13 januari 2023 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
  • Bij beschikking van 21 maart 2024 heeft de kantonrechter van de rechtbank Oost-Brabant een bewind ingesteld over alle goederen die (zullen) toebehoren aan de man vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand.

De man en de vrouw twisten over een vermeende schuld aan de ouders van de vrouw.

Zienswijze vrouw
Volgens de vrouw hebben haar ouders meermaals financieel bijgesprongen omdat partijen niet konden rondkomen. De vrouw is van mening dat deze schuld van € 7.610 tot de gemeenschap behoort en dat zij deze, na ontbinding van de gemeenschap beiden voor de helft dienen te dragen. De vrouw onderbouwt het bestaan van de schuld met een handgeschreven overzicht. De schuld wordt niet onderbouwd met bankafschriften, bonnen en facturen.

Zienswijze man
Volgens de man bestaat er geen schuld aan de ouders van de vrouw. De noodzaak om een dergelijke schuld aan te gaan, was er volgens hem ook niet. Voor zover er wel een schuld heeft bestaan, is deze volgens de man op 5 maart 2021 ruimschoots afgelost, toen er, zonder dat hij daarvan af wist, € 10.000 aan de vader van de vrouw is overgemaakt voor een aflossing. De man stelt dat het handgeschreven overzicht dat de vrouw ter onderbouwing van de schuld heeft overgelegd door iedereen kan zijn gemaakt. Onduidelijk is wie dit overzicht heeft opgesteld en op basis van welke gegevens. De man stelt dat hij geen wetenschap van deze schuld heeft en ook was hij er niet van op de hoogte dat er tijdens het huwelijk aflossingen op die schuld werden gedaan. Onduidelijk is wat de huidige stand van de schuld is.

De vrouw heeft de stellingen van de man weersproken. De budgetcoach heeft de maandelijkse aflossingen opgenomen in het budgetplan en de schuld genoemd in zijn schrijven aan de man van 4 februari 2021. De man was dus van meet af aan op de hoogte van de schuld en aflossingen. De betaling van € 10.000 aan haar ouders ziet volgens de vrouw op de kosten van haar ouders voor het opvangen van de kinderen en is niet ter aflossing van de schuld gedaan.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het hof is van oordeel dat de vrouw het bestaan van de schuld aan haar ouders, gezien de argumenten van de man, onvoldoende heeft onderbouwd. Het handgeschreven overzicht van de schuld is onvoldoende. Dat er aflossingen op de schuld zijn opgenomen in het budgetplan, is op zichzelf genomen niet een onderbouwing van de schuld. Voor zover al van belang, acht het hof dit, vanwege de gesteldheid van de man, evenmin een aanwijzing voor het bestaan van de schuld en dat de man van de schuld op de hoogte was.

Het hof wijst de vordering van de vrouw, dat zowel de man als de vrouw voor de helft draagplichtig zijn voor de schuld, af.

Belang voor de praktijk 
Of de schuld aan de ouder van de vrouw in deze zaak überhaupt heeft bestaan zullen wij nooit weten. Wat deze uitspraak duidelijk maakt is dat een overeenkomst binnen de familiesfeer in sommige situaties beter onderbouwd dient te worden dan een overeenkomst met een professionele partij. Dit zagen wij ook terug in de uitspraak van Hof Arnhem-Leeuwarden van 11 april 2024 die wij eerder hebben behandeld. Daar ging het om een situatie waarbij een echtgenoot stelde dat ze geld hadden geleend voor de aankoop van een woning in Turkije en van een van de ouders € 25.000 cash hadden gekregen.

Als cliënten van mening verschillen over het bestaan van een overeenkomst die door één van beide partijen wordt ingebracht dan doe je er goed aan aanvullende onderbouwende stukken op te vragen. Hierbij kan gedacht worden aan een leningsovereenkomst en bankafschriften die zien op het geleende geld, betaling van rente en/of aflossingen. Ook kunnen belastingaangiften het bestaan van een geldlening onderbouwen. Hiermee is er in ieder geval een feitelijke onderbouwing van geldstromen die het bestaan van een geldlening mogelijk kunnen aantonen.

Het onderwerp schulden bij scheidingen kan complex zijn. In de kennisbibliotheek vind je twee praktische schema's over (verhaals)aansprakelijkheid en draagplicht. Er is een schema voor gehuwden in gemeenschap voor 2018 en er is een schema voor gehuwden in gemeenschap op of na 1 januari 2018.  

Wil je verder verdiepen op dit onderwerp? Dat kan met diverse opleidingen:

Schulden bij Scheiding
Leergang Register Erkend Scheidingsadviseur®


Wil jij perfect op de hoogte blijven?

Ben jij als professional betrokken bij scheidingen? Wil je jouw kennis op een efficiënte manier actueel houden en verder blijven ontwikkelen? Meld je dan aan voor Permanent Actueel van De Scheidingsdeskundige.

  • Wekelijkse verdieping en actualiteiten
  • PE Punten
  • Scheiden in de media
  • FAQ
  • Naslagwerken
  • Maandelijks opzegbaar
leeromgeving.descheidingsdeskundige.nl
De Scheidingsdeskundige
Scheidingsdeskundige Congres 2025