Breaking! Duidelijkheid over berekenen vergoedingsrechten bij aflossingen!

3 maart 2026

Breaking! Duidelijkheid over berekenen vergoedingsrechten bij aflossingen!


Het Gerechtshof Den Haag maakt duidelijk hoe vergoedingsrechten volgens de beleggingsleer moeten worden berekend als iemand aflost op een schuld die is aangegaan voor de woning. Daarbij is niet de waarde bij aankoop bepalend, maar de waarde van de woning op het moment van die aflossing.

Wat is er aan de hand?
Sinds 1 januari 2012 worden vergoedingsrechten bij echtgenoten en geregistreerde partners in beginsel berekend op basis van de beleggingsleer. In deze situatie deelt de gemeenschap of het privévermogen mee in de waardestijgingen of dalingen van de woning waarin geïnvesteerd is. Bij vergoedingsrechten die ontstaan zijn door aflossingen op geldleningen aangegaan in verband met de woning leidt de beleggingsleer tot zeer bijzondere uitkomsten. Volgens de uitleg in de parlementaire geschiedenis en een aantal gerechtelijke uitspraken wordt dan namelijk niet gekeken naar de waarde van de woning op het moment van aflossen maar naar de waarde op het moment waarop de woning is verworven.[1] Dit heeft een enorme financiële impact bij een scheiding omdat één van beide partners, ten koste van de andere partner, door het vergoedingsrecht met terugwerkende kracht een (groot) economisch belang krijgt bij de gezamenlijke woning.

Hieronder laten we aan de hand van een aantal uitspraken zien hoe schrijnend deze uitleg kon uitpakken.

Gerechtshof Amsterdam 6 februari 2024 – ECLI:NL:GHAMS:2024:464
Man en vrouw zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Ze kopen in 1999 samen een woning in Curaçao voor € 147.487. Ze sluiten samen een hypotheek voor hetzelfde bedrag. In 2017 lost de man € 118.416 af op de geldlening. In 2023 gaan ze scheiden. De woning is op dat moment € 387.000 waard.

Het vergoedingsrecht van de man wordt vastgesteld op € 118.416 / € 147.487 x € 387.000 = € 310.719.

Rechtbank Noord Holland - ECLI:NL:RBNHO:2022:3203
Man en vrouw zijn geregistreerd partners en kopen voor € 275.000 een woning die tot de gemeenschap gaat behoren. De woning wordt gefinancierd bij ING voor € 203.000 en bij de ouders van de man voor € 72.000. De ouders schelden de geldlening aan de zoon kwijt onder uitsluitingsclausule. Eén maand na de schenking wordt het verzoekschrift tot scheiding ingediend.

Het vergoedingsrecht van de man wordt vastgesteld op € 72.000 / € 275.000 x € 450.000 = € 117.818.

Het Gerechtshof Den Haag doorbreekt deze zienswijze!
Volgens het Hof Den Haag dient een vergoedingsrecht dat is ontstaan door aflossing van een schuld welke betrekking heeft op een woning berekend te worden door in de teller het bedrag van de aflossing te zetten en in de noemer de waarde van de woning op het moment van de aflossing. Deze breuk wordt vervolgens vermenigvuldigd met de waarde van de woning ten tijde van het geldend maken van het vergoedingsrecht.

Het hof is zich ervan bewust dat het hof afwijkt van hetgeen in de toelichting op de wettekst in de parlementaire geschiedenis in de Eerste Kamer is gesteld.[2] In die toelichting wordt uitgegaan van de waarde van de woning op het moment van verwerving en niet het moment van latere aflossing van (een gedeelte van) de geldlening.

Economisch gezien wordt echter geïnvesteerd op het moment van de aflossing. Om die reden dient naar het oordeel van het hof voor de berekening van het vergoedingsrecht bezien te worden wat de waarde van het goed is op het moment van de aflossing. Diegene die aflost heeft vanaf dat moment het mogelijk profijt van een waardestijging van het goed of het nadeel indien het goed in waarde daalt. Het hof acht dat een redelijke uitkomst en acht het dan ook niet juist dat in de parlementaire geschiedenis wordt afgeweken van de letterlijke wettekst waarin staat dat gekeken moet worden naar de waarde van de woning op het moment waarop afgelost wordt.[3] De uitleg in de parlementaire geschiedenis is volgens het hof in wezen in strijd met de wet.

Belang voor de praktijk
De afgelopen jaren werd in de scheidingspraktijk regelmatig geworsteld met de uitleg van de toepassing van de beleggingsleer bij aflossingen. De uitleg in de parlementaire geschiedenis was wat ons betreft niet uit te leggen aan cliënten die hiermee te maken kregen. De uitspraak van het Hof Den Haag geeft duidelijkheid voor de praktijk en maakt een einde aan onduidelijkheid over dit onderwerp.

Voor het vaststellen van de hoogte van het vergoedingsrecht dat is ontstaan door een aflossing zal de waarde van de woning ten tijde van de aflossing vastgesteld moeten worden. Dat zal in de praktijk niet altijd eenvoudig zijn. Hopelijk lukt het cliënten in gezamenlijk overleg een waarde vast te stellen. Als dat niet lukt kunnen zij expertise inschakelen om de waarde van hun woning op het moment van aflossen vast te laten stellen.

Het is daarnaast goed om te realiseren dat het in deze uitspraak ging om een situatie waarbij er sprake was van een incidentele aflossing van € 100.000 die onder uitsluitingsclausule werd kwijtgescholden. De vraag rijst hoe de rechtspraak omgaat met situaties waarbij er sprake is van periodieke aflossingen die onderdeel zijn van een annuïteit. Als je de uitspraak van het hof analoog toepast dan zal iedere aflossing afgezet moeten worden tegen de waarde van de woning op het moment van die betreffende aflossing. Stel dat het gaat om een periode van 10 jaar waarin door middel van een annuïteit is afgelost dan zullen er 120 berekeningen gemaakt moeten worden.

Het advies aan cliënten blijft; leg afspraken over vergoedingsrechten tijdens de relatie vast in een overeenkomst. Voorkomen is immers beter dan genezen!



[1] Kamerstukken - Eerste Kamer 2008-2009, 28 867, nr c, pagina 14 e.v.
[2] Kamerstukken I 2008/09, 28 867, nr. C, p. 15-16
[3] Art. 1:87 lid 2 onder b BW

Wil jij perfect op de hoogte blijven?

Ben jij als professional betrokken bij scheidingen? Wil je jouw kennis op een efficiënte manier actueel houden en verder blijven ontwikkelen? Meld je dan aan voor Permanent Actueel van De Scheidingsdeskundige.

  • Wekelijkse verdieping en actualiteiten
  • PE Punten
  • Scheiden in de media
  • FAQ
  • Naslagwerken
  • Maandelijks opzegbaar
leeromgeving.descheidingsdeskundige.nl
De Scheidingsdeskundige
Scheidingsdeskundige Congres 2026