Staat van aanbrengsten, zin of onzin?

Geplaatst op 14 april 2020

Introductie

Sinds de invoering van de Wet aanpassing gemeenschap van goederen op 1 januari 2018 vallen voorhuwelijkse bezittingen en schulden in principe niet meer in de gemeenschap van goederen. Hierdoor zullen de voorhuwelijkse bezittingen en schulden bij een scheiding, in tegenstelling tot de situatie bij gehuwden van vóór 1 januari 2018, niet meer verdeeld hoeven te worden. Deze regelgeving sluit aan bij de maatschappelijke opvattingen en daarmee bij de wensen van veel mensen die gaan trouwen[1]. Het gevoel dat bij veel aanstaande echtelieden leeft is dat het hierdoor automatisch is geregeld dat vóórhuwelijkse bezittingen en schulden nooit meer hoeven te worden verdeeld. Deze aanname berust echter op een groot misverstand. 

Bewijsregeling

Als er tussen echtgenoten bij een scheiding een geschil ontstaat aan wie van hen een goed toebehoort en geen van hen kan zijn recht op dit goed bewijzen, dan wordt een goed als gemeenschapsgoed aangemerkt.[2] Door dit zogenaamde wettelijke bewijsvermoeden zal diegene die stelt dat het vermogensbestanddeel tot zijn of haar privévermogen behoort dit moeten bewijzen. Voor bepaalde goederen zoals registergoederen of aandelen in een vennootschap is het, ook na verloop van tijd, relatief eenvoudig om te bewijzen tot wiens vermogen het behoort. Voor alle overige bezittingen is dat een stuk lastiger. Naast bezittingen kunnen ook discussies ontstaan over voorhuwelijkse schulden. Tot wiens vermogen behoren deze schulden?

Als scheidende stellen er samen niet uitkomen ligt een juridische procedure op de loer. Juridische procedures duren vaak lang, zijn onzeker en kosten veel geld. Deze discussies kunnen relatief eenvoudig worden voorkomen door een goede administratie te voeren. Dat begint bij het aangaan van het huwelijk. Op dat moment dient een zogenaamde staat van aanbrengsten opgesteld te worden. Dit is een lijst waarop vermeld staat tot welk vermogen bepaalde bezittingen en schulden bij de start van het huwelijk behoren. Bij een scheiding of overlijden kan daarmee worden bewezen welke vermogensbestanddelen tot het privévermogen behoren. Iedereen in Nederland die trouwt doet er goed aan om een staat van aanbrengsten op te stellen. Daarom hebben wij de toolkit “staat van aanbrengsten ontwikkeld”. Hiermee kunnen professionals cliënten begeleiden bij het opstellen van deze staat van aanbrengsten. Hiermee wordt een eerste basis gelegd voor de noodzakelijke onderlinge administratie. Het risico op mogelijke toekomstige discussies wordt hiermee aanzienlijk verkleind. De toolkit bestaat uit de volgende documenten:

  • Introductie toolkit
  • Handleiding voor de professional inzake het huwelijksvermogensrecht en het belang van de staat van aanbrengsten
  • Consumentenbrief
    • Uitleg aan cliënten inzake het belang van het opstellen van een staat van aanbrengsten
  • Sjabloon overeenkomst “staat van aanbrengsten”

 Meer informatie over de toolkit treft u in onze kennisbibliotheek

Toolkit Staat van aanbrengsten
 

Opleiding Register Financieel Echtscheidingsadviseur (RFEA)
Wilt u uw kennis ten aanzien van het scheidingsproces verder verdiepen? In september starten wij weer met onze opleiding Register Financieel Echtscheidingsadviseur. Kijk voor meer informatie op onze website of neem contact met ons op door te bellen naar 074-3032642.

Opleiding Register Financieel Echtscheidingsadviseur
 

[1] Art. 1:100 BW
[1] Geld ook voor het geregistreerd partnerschap
[2] Art. 1:94 lid 8 BW


< Vorige bericht Volgende bericht >

© Copyright - De Scheidingsdeskundige